Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Het koninklijk bezoek van 1952 - De koninklijke rondreis

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Het koninklijke echtpaar wandelt naar de haven
Het koninklijke echtpaar wandelt naar de haven
Al begin mei meldde de Nieuwe Enkhuizer Courant dat koningin Juliana en prins Bernhard voornemens waren een rondreis door West Friesland te maken. Uiteraard stond ook een bezoek aan Enkhuizen op het programma.

Op vrijdag 20 juni zou de reis in Alkmaar beginnen. Vandaar ging het, na de lunch, naar de Wieringermeer en Medemblik. Daar werd de thee gebruikt. Daarna reisde Prins Bernhard naar Sijbekarspel, voor een bezoek aan het K.I. station. Juliana ging rechtstreeks naar Hoorn. De gezamenlijke burgemeesters van West-Friesland boden het koninklijk gezelschap een diner in de raadszaal van Hoorn aan.

Tijdens het diner zou Kees Stet, een Westfriese humorist, een voorstelling verzorgen. De koningin en prins brachten de nacht door aan boord van de Piet Hein, het koninklijke jacht. De volgende dag was een rijtoer door De Streek gepland, waarbij in Westwoud een boerderij met een bezoek vereerd werd. De tocht eindigde in Enkhuizen.

Enkhuizen
Een dag voor het bezoek publiceerde de krant nog eens het programma van die 21 juni. Het luidde als volgt: om kwart voor twaalf wordt het gezelschap door de burgemeester aan de gemeentegrens begroet. Er volgt een rijtoer van tien minuten, via de Westerstraat naar het stadhuis. Tijdens die rijtoer kunnen de Enkhuizers de koningin en prins toejuichen. Om vijf voor twaalf is de aankomst op het stadhuis.

Het dochtertje van burgemeester Admiraal, Alida, biedt de koningin bloemen aan. In de burgemeesterskamer worden de wethouders en de secretaris met hun echtgenoten voorgesteld, en daarna de raadsleden. Vervolgens is er een receptie met genodigden. Aan het einde van de receptie wordt aan Hare Majesteit een plaquette van de Drommedaris aangeboden. Twee kinderen uit het Gereformeerd Weeshuis, en twee dames van het Oranje Comité overhandigen dit cadeau van de burgerij aan de koningin.

De volgende tien minuten is voor het defilé van verschillende verenigingen. Het defilé wordt op het balkon door koningin en prins afgenomen.

Om half een wandelt het gezelschap van stadhuis naar het Zuiderzeemuseum voor een bezichtiging.

Om kwart over een is men weer terug voor een korte pauze en een lunch. Om half drie gaat men met de auto naar de Snouck van Loosenstichting voor een bezoek dat twintig minuten duurt. Om drie uur wandelt men naar de haven waar men aan boord gaat van de Piet Hein voor de terugreis. In de haven en het Krabbersgat liggen allerlei gepavoiseerde schepen om het gezelschap uitgeleide te doen.

Zilveren asbakken
Begin mei werd het gemeentebestuur door de Commissaris van de Koningin op de hoogte gesteld van dit programma. Het diende punctueel uitgevoerd te worden, waarbij rekening moest worden gehouden, zo luidde de brief aan B&W, dat bij de tijden het in- en uitstappen al ingecalculeerd was. De koningin wilde van te voren weten wie welk cadeau of bos bloemen zou aanbieden. Die mochten overigens niet de duur zijn. Hare majesteit stelde vooral producten uit de eigen streek zeer op prijs.

Het werd even heel druk voor de burgemeester. Van alles en nog wat moest er geregeld worden. Het stadhuis moest versierd worden. In de kamer van de gemeenteontvanger werd een toilettafel geïnstalleerd voor de koningin. Voor die toilettafel werd een zilveren toiletgarnituur van juwelier G. van Kalken geleend en een damasten tafelkleedje van Sietzes. De juwelier Somberg leende zilveren asbakken aan het stadhuis.

Een eenvoudige maaltijd
Belangrijk was de tafelschikking voor het lunch. De burgemeester zat rechts van de koningin, wethouder Beekman mocht links van haar plaats nemen. Aan zijn andere kant zat Mr. J. C. Baron Baud. Grootofficier van H.M. de Koningin. Tussen J.. Kofman en C. Roosendaal zat mevrouw L. Verbrugge van ’s Gravendeel, geboren Barones Prinsse. Dame du Palais. Je vraagt je af waar ze met elkaar over gesproken hebben.

Samen met Meyknecht van “Die Port van Cleve” was een eenvoudige maaltijd samengesteld. Zalm of kreeft op toast, kippensoep, ossentong, aardappelen en groente, fruit en mocca toe. Meyknecht had achterhaald welke champagne en wijn graag door de koningin en prins gedronken werd, dus dat zat wel goed.

Who is who
Er moesten veertig Enkhuizers uitgenodigd worden voor de receptie. De lijst leest als een who is who in Enkhuizen in de jaren vijftig. Uiteraard stonden de directeuren van de verschillende zaadhandels er op. Maar ook de voorzitters van allerlei belangenorganisaties, de notaris, de pastoor, de dominees, de voorzitters van de muziekverenigingen en de sportclubs. En uiteindelijk werd de koningin ook nog opgewacht door iedereen die ooit een koninklijke onderscheiding gekregen had. Zodoende stond ook de heer Nieman, de smid, op de lijst.

De schoolkinderen kregen een vrije dag (het bezoek viel op een zaterdag, ’s ochtends werkte iedereen nog) om het bezoek mee te vieren. Elke school had een stuk trottoir toegewezen gekregen om het koninklijke paar toe te juichen.

Er was 55 man rijkspolitie in de stad om het plaatselijke politiecorps te versterken. De nacht van te voren werd er al gepatrouilleerd. Vooral om ongewenste opschriften onmiddellijk te verwijderen. De logementen en hotels werden ook gecontroleerd.

Bijzonder aardig
Uiteindelijk verliep de dag smetteloos. Het was alleen jammer dat het zulk slecht weer was. Er was daadoor wel erg weinig publiek op de been, constateerde de politiek in een evaluatie.

En de koningin? Bij het afscheid aan de haven verzocht zij burgemeester Admiraal haar dank aan de burgerij over te brengen. “Ik heb het hier bijzonder aardig gevonden”, zei zij letterlijk.

Foto: Stichting Foto Bedijjs


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube