Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Een kanaalzwemtocht

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Pieter Jan de Vries

Leraar Dick Schermer
Leraar Dick Schermer
Het bericht dat op 20 augustus 1950 in de Nieuwe Enkhuizen Courant stond, was voor mijn moeder een volledig onverwachte bron van opperste ongerustheid. “De lange afstand-zwemmer Dick Schermer heeft ook dit jaar weer plannen om zwemmende Het Kanaal over te steken. Met zijn trainer De Vries is hij zaterdag in Calais gearriveerd om zich voor te bereiden op de tocht welke hij 22 augustus van plan is te ondernemen.”

Moeder De Vries had geen idee gehad van het doel van de trektocht van haar zoon en zijn vriend, maar was door de naam Schermer wel zeker dat met die trainer haar oudste werd bedoeld. Het beeld van een kind zwoegend in een roeibootje op de oceaan, was voor haar, met haar toch al gauw bezorgd gemoed, een beangstigende ervaring.

Die goede vriend Dick Schermer had in de jaren ’40 en ’50 een passie. En als Dick iets wilde dan zou dat gebeuren. Zijn schoolcarrière was daar al een voorbeeld van.

In 1943 was hij plotseling verschenen in de eerste klas van de HBS in de Westerstraat. Dick was voorbestemd geweest voor de agrarische sector en daarvoor had zijn vader al een baas gevonden. Maar Dick wilde doorleren en die HBS in Enkhuizen leek hem de beste school. Nu lijkt dat een eenvoudige stap, maar voor een jongen uit de Weed, waar in die tijd de toekomsthorizon heel dichtbij lag, was dat een reusachtige onderneming. Toch meldde hij zich bij directeur Veen in Enkhuizen, werd onder voorbehoud ingeschreven en zat als vijftienjarige tussen de ‘kleintjes’ van twaalf. Zijn schoolloopbaan zou, ondanks de 15 km-lange, dagelijkse fietstocht langs het IJsselmeer en zijn door een petroleumlamp verlichte schoolboeken, feilloos verlopen.

Terug naar die passie
Iemand die zijn leven lang in de schaduw van de ‘natte’ Omringdijk woont, groeit op mét en ín het water. En in dat water moet je zwemmen. Sommigen zijn met een kort baantje tevreden, maar Dick dacht ook hier in het groot. De eerste uitdaging was een tocht van Stavoren naar Enkhuizen. Ogenschijnlijk zonder moeite beëindigde hij die in het verste hoekje van de Vissershaven, dicht bij het station. Daarna volgden nog tochten van Hoorn naar Amsterdam en van Lemmer naar Urk. Maar er was een nog hoger doel.

In 1925 was iemand voor het eerst van Frankrijk naar Engeland gezwommen. En die tocht was voor velen een uitdaging gebleken. Er werden zelfs wedstrijden georganiseerd. Dick las erover en zag meteen zijn nieuwe bestemming.

Maar het IJsselmeer was vergeleken met Het Kanaal een pierebadje. Lage temperatuur, sterke stroming en een forse golfslag eisen daar veel meer dan alleen een goede zwemslag.

In 1949 zou de eerste poging gedaan worden. Dick had zelfs verlof van militaire dienst gekregen. waardoor hij een uitzending naar Indië ontliep. Een echte trainer, Piet Ooms, was erbij betrokken. Helaas, de tocht moest afgebroken worden. Niet de vermoeidheid was de oorzaak, maar die lage temperatuur eiste haar tol. Dick moest teleurgesteld naar huis.

Maar de passie bleef. 1950 kwam en het moest weer geprobeerd worden. Inmiddels was uw chroniqueur als begeleider in beeld gekomen. Om de kosten te drukken moest alles zo goedkoop mogelijk gepland worden. Een liftreis lag voor de hand. En zo gebeurde het dat de heer Simon Loos uit Avenhorn, directeur van een vrachtbedrijf, tot de Belgische grens een inwoner uit De Weed en een Enkhuizer als passagier voor zijn rekening mocht nemen.

Een avontuurlijke tocht, waarbij een heel Vlaams dorp alle automobilisten liet stoppen, en de beambten van een douanepost alle passanten ondervroeg of ze misschien naar Calais gingen, bracht ons naar de gewenste havenplaats.” Schermer was met zijn trainer De Vries aangekomen”.

Het verhaal kan verder kort zijn. Met behulp van een stel in het jaar daarvoor ontmoete journalisten vonden we onderdak. Ook brachten ze ons in contact met een Belgische industrieel Dumoulin die het heen en weer wilde proberen en Dick aanbood om op de terugtocht mee te zwemmen en de tocht af te maken. In het holst van de nacht vertrokken we met een vissersboot naar de startplaats Cape Griz Nez. Daar stapte Dumoulin als een grote, witte vis in het water. Dat wit kwam van de dikke laag vet waar hij mee was ingesmeerd.

Aan boord was een merkwaardig gezelschap; een kanoër met zijn kano en een journalist met ruimtevrees. Die was bang dat hij tijdens een paniekaanval overboord zou springen en daarom hadden we hem, op zijn eigen verzoek, maar vastgebonden aan de mast. Verder was er een Belg op de boot die ook een stuk mee zou zwemmen en die regelmatig alvast grote klodders vet onder zijn oksels smeerde.

Het avontuur liep niet goed af. Door een navigatiefout van de begeleidende schipper kwamen we op het verkeerde tijdstip bij de Engelse kust. De stroom was toen al tegen. We zagen de trein naar Dover nog rijden. Dumoulin die al zwemmende gevoed was met onder andere warm kalfsbloed, gaf op. Van terugzwemmen was geen sprake meer.

Een paar dagen later kon een verheugde Enkhuizer moeder haar verloren zoon weer omhelzen.

Foto: Stichting Foto Bedijs


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube