Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Industrieterrein bijna veranderd in volkstuintjes

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Industrieterrein bijna veranderd in volkstuintjes
Plan Zuid was in 1953 klaar. De gemeente moest water en elektra aanvragen, maar dat was een formaliteit. Enkhuizen had zijn eerste industrieterrrein. Vervolgens gebeurde er niets, want er was geen enkele belangstelling voor.

Er gebeurde zo weinig dat wethouder Roosendaal in april 1954 de raad voorstelde om er maar volkstuintjes aan te leggen. B & W vonden het niet sociaal om , een stuk land braak te laten liggen. Er waren mensen genoeg die om een tuintje verlegen zaten. Er waren ook toezeggingen gedaan aan volktuinders die door de aankoop van grond langs de spoorbaan door de gemeente hun landje kwijt waren geraakt.

De raad was niet enthousiast. Het raadslid Heering was wel blij dat het industriegebied zo toch nog wat opbracht. Vis - zelf tuinder - wilde als voorwaarde dat er geen handelsgewassen geteeld werden. Die toezegging deed de wethouder. De raad ging hiermee akkoord.

Ruim een jaar later, op maandag 13 juni, kon een verheugde burgemeester de raad mededelen dat het hele industrieterrein verkocht was. De zaterdag daarvoor had hij de onderhandeling met vertegenwoordigers van NV Draka kunnen afsluiten.

De raad was meer dan enthousiast, er klonk zelfs-applaus in de raadszaal. Alle scepsis was verdwenen. B & W hadden gelijk gehad, industrialisatie was de toekomst voor Enkhuizen. Voor Sandstra was het evenwicht dat verloren was gegaan in de jaren 30 hersteld. Na het verdwijnen van de industrie in die crisisja-^ ren was deze nu weer terug. Juist in een jaar dat de stad haar 600 jaar stadsrechten vierde, maar ook in het jaar dat de nieuwe technische school geopend werd. Hij vond het alleen jammer dat het Vrije Volk het nieuws zaterdag al bracht, de raadsleden hadden als eersten geïnformeerd moeten worden. Andere raadsleden toonden zich even enthousiast als Sandstra.

De burgemeester was uiteraard blij met de reacties van de raad. Hij wist dat veel raadsleden niet overtuigd waren geweest van het nut van een industrialisatiebeleid. Dat was nu gelukkig veranderd, zei hij.
, Het bedrijf had 120 werknemers nodig, die moesten allemaal in Enkhuizen gezocht worden. Ook Plan Noord profiteerde. Het leidinggevend personeel kwam wel uit Amsterdam, Enkhuizen moest voor nieuwe woningen zorgen.

Bij de opening van de Drakaflexfabriek op 23 maart 1956 was een groot gezelschap aanwezig. Het hele gemeentebestuur gaf acte de présence, maar ook dominees, priesters, doktoren en voorzitters van allerlei organisaties. Vertegenwoordigers van de landelijke en provinciale overheden waren aanwezig. Het leger was een van de grote afnemers van de Draka. Er was dus ook een heuse luitenant-kolonel bij de genodigden.

In zijn openingsspeech vertelde de mr F. E. Vlielander Hein, directeur van de Draka, dat het bedrijf voor Enkhuizen gekozen had, omdat hier personeel te vinden was. Natuurlijk speelde ook mee dat hier een leeg industrieterrein lag en dat hier een gemeentebestuur was dat van harte meewerkte. Wel noemde hij het grote probleem van dit gebied. Enkhuizen, en heel Noord-Holland Noord, lag eigenlijk op een eüand dat omspoeld werd door de Noord- en de Zuidzee en het IJ en het Noordzeekanaal. Een echte oplossing voor de werkeloosheid in dit gebied zou een IJ- of Coentunnel zijn waardoor het eiland verbonden zou worden met de rest van de Nederland.

Vlielander Hein nodigde namens de NV de burgemeester uit twee stroomkabels met elkaar te verbinden. De kabel symboliseerde het contact tussen de gemeente en het bedrijf. Tevens bood hij het gemeentebestuur een zilveren sigarendoos aan. Die moest een mooi plekje in de burgemeesterskamer krijgen.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube