Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Wat moet Enkhuizen met 'n technische school?

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Hal en trap van de Technische school aan de Kuipersdijk omstreeks 1956
Hal en trap van de Technische school aan de Kuipersdijk omstreeks 1956
In oktober 1955 schreef een woedende wethouder Roosendaal een open brief aan de burgemeester van Hoorn, de heer Canneman. schijnt te denken dat West-Friesland een wingewest is voor de gemeente Hoorn", schreef de Enkhuizer. „Wij moeten U in elk geval deze illusie ontnemen voor wat onze gemeente betreft."

„Wij kunnen U gelukkig de verzekering geven, dat wij hier in staat zijn onze eigen zaken te regelen en dit niet afhankelijk zullen stellen van het oordeel en de opvattingen van burgemeester van Hoorn." Daar kon Canneman het mee doen.

Waar was Roosendaal zo woedend over? Het is me een raadsel wat Enkhuizen met een technische school moet, had de Horinees gezegd. Er zijn ook mensen die het een raadsel vinden waarom sommigen burgemeester zijn, schreef Roosendaal.

Zes jaar eerder werd er op het kantoor van notaris Veenenbos een stichting opgericht die tot doel had te komen tot een Nijverheidsschool voor Enkhuizen en Omstreken. Kort gezegd, een aantal burgers vond dat er een Ambachtsschool moest komen. Burgemeester Haspels had het initiatief genomen. Wilde Enkhuizen weer tot bloei komen, dan moest er geïndustrialiseerd worden, vond hij. En voor een industrie had je goed geschoold personeel nodig.

Het bestuur ging voortvarend aan de slag om toestemming en geld uit Den Haag te krijgen.
Maar Den Haag aarzelde. Nederland was nog straatarm. Elke gulden en elke baksteen die bezuinigd kon worden was er een. In 1950 schreef Den Haag dat Grootebroek toestemming had gekregen om een Ambachtsschool te beginnen en dus was zo'n school in Enkhuizen niet nodig.

Het bestuur drukte toch door. De Enkhuizer architect Fleddérus kreeg opdracht een schoolgebouw te ontwerpen. Nogal een gok van een bestuur, dat op dat moment maar 32 gulden in kas had! Fleddérus had in Amsterdam-Noord al een Ambachtsschool ontworpen en hij was dus goed op de hoogte van de eisen die de verschillende departementen aan zo'n schoolgebouw stelden. Bovendien gold Fleddérus als niet-eigenwijs, met andere woorden je kon goed met hem samenwerken.

1951 en 1952 gingen voorbij zonder dat er een paal de grond in ging. De gemeente steunde het bestuur, de raad keurde een krediet van 65.000 gulden goed en ook de provincie in de persoon van de directeur van de Technologisch Economische Dienst in Haarlem, de heer W. Fuhri Snethlage, drong er bij Den Haag op aan een Ambachtsschool in Enkhuizen mogelijk te maken. En uiteraard probeerde het bestuur zo veel mogelijk druk op de verschillende Haagse ambtenaren uit te oefenen. De Enkhuizers waren zo actief dat het ministerie een briefje stuurde waarin de bestuursleden gemaand werden niet meer met de ambtenaren te bellen. De Enkhuizers hadden het een beetje overdreven.

1953 leek ook zonder resultaat voorbij te gaan, maar op het laatste moment, 24 december van dat jaar, kreeg het bestuur toestemming om de school te bouwen. In april 1954 werd de directeur, de heer G. de Bruijn benoemd en een maand werd de eerste paal geslagen. Op 22 augustus 1955 kon de school beginnen met vijf en veertig leerlingen, drie leraren, een schoolknecht en een directeur. Enkhuizen had nu een volledige dagopleiding voor ambachtslieden. De avondambachts-school kon nu gesloten worden, de visserijschool was al gestopt.

De Hoornse burgemeester kreeg antwoord op zijn vraag wat Enkhuizen met een technische school moest. Precies tien jaar na de opening moest de school al weer vergroot worden. Bij de heropening kregen de genodigden gebak: van de Technische School in Hoorn!


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube