Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

De kermis? Kon je maar beter opheffen

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Kermis op de Noorderhavendijk in 1963
Kermis op de Noorderhavendijk in 1963
Tijdens de begrotingsdebatten in de gemeenteraad van Enkhuizen in de herfst van 1960 diende de heer K. Boeder (SGP) de volgende motie in. ,,Ondergetekende K. Boeder, lid van de gemeenteraad van Enkhuizen; Gelet op het feit, dat de jaarlijkse kermis aanleiding geeft tot drankmisbruik en zij overigens een minder gunstige aanleiding geeft op de bezoekers; Stelt uw raad voor te besluiten tot afschaffing van de Kermis."

De motie kreeg steun van de heer Sietses (PvdA) en de heer Vis (ARP). De heer Vis kon zich vinden in de zedelijke motieven van zijn mederaadslid. De kermis leidde toch al een kwijnend bestaan, misschien was het nu wel het goede moment om hem maar helemaal af te schaffen. De heer Sietses had niet zoveel op met de zedelijke argumenten maar vond wel dat de kermis niet echt meer bijdroeg tot de aantrekkelijkheid van Enkhuizen. 70 Procent van de Enkhuizers kwam er toch al niet meer. En voor mensen van buiten kon Enkhuizen ook op andere manieren aantrekkelijk gemaakt worden, door het belichten van openbare gebouwen bijvoorbeeld.

Het protestants christelijke raadslid Van Keulen maakte er weinig woorden aan vuil: "Op bruiloften gebeuren ook rare dingen, maar daarom gaat men toch niet alle bruiloften afschaffen" zei hij, "men kan nu eenmaal niet alles verbieden".

De motie kreeg maar vier stemmen voor en werd dus verworpen. Toch hadden de voorstemmers wel een punt. De kermis was een armzalige gebeurtenis geworden. De reden was niet helemaal duidelijk, er werd ook niet diep op ingegaan, maar misschien had het raadslid Klopper het wel bij het rechte eind. De Zuiderzeevissers waren er niet meer, zei hij, en juist die hadden de juni-kermis altijd uitbundig gevierd. Dan wisten die vissers al wat hun inkomsten dat jaar zouden zijn. Nu was de kermis afhankelijk van de agrariërs, die leefden in de zomer nog op krediet, de oogsten moesten nog binnengehaald en verkocht worden.

Het oude Enkhuizen met de uitbundig kermisvierende vissers was in rap tempo bezig te verdwijnen. De stad moest bijvoorbeeld het hoofd bieden aan het groeiende autoverkeer. In de Westerstraat werden de markiezen en de zonneschermen van de gevels gereden omdat de straat te smal was, zeker als er ook nog geparkeerde auto's stonden.

Het idee om dan in ieder geval het winkel gedeelte voor het autoverkeer af te sluiten kwam nog niet bij de bestuurders op. De gedachten gingen eerder in de richting van het dempen van de Oude Gracht en het Spaans Leger, dat zou een mooie verkeersweg opleveren.

Ook de touringcars met bezoekers voor het Zuiderzee Museum zouden op die manier ruim baan krijgen. De hekken bij de Zuider- en Westerkerk konden ook wel weg, dan konden er parkeerplaatsen komen. Maar men kwam er niet uit en het verkeer zou tot op de dag van vandaag een hot item blijven. De wethouder kon melden dat Plan Noord inmiddels bijna klaar was. Hoe trots men ook was op de nieuwbouwwijk, men vond wel dat de woningen anders moesten. De raadsleden wilden dat er meer gebouwd moest worden voor de middenklasse. De woningen moesten ook groter worden. Niet om de grote gezinnen ruimte te geven, zoals de KVP wilde. Maar omdat de maatschappij veranderd was: ook arbeiderskinderen leerden nu door. Die hadden dus een eigen studeerkamer nodig. Geen toeval dat het juist de PvdA'er Heering was die daar aandacht voor vroeg. In het nieuwe uitbreidingsplan De Oude Gouw zou er rekening mee gehouden worden.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube