Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Ook in 1968 gingen ze al voor zaad

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Personeel van Gebr. sluis bij Buckinham Palace. vlnr. C. van der Horst, R. de Graaf en echtgenote en rechts Cor Woestenburg
Personeel van Gebr. sluis bij Buckinham Palace. vlnr. C. van der Horst, R. de Graaf en echtgenote en rechts Cor Woestenburg
Het absolute hoogtepunt van de jubileumfestiviteiten van NV Gebroeders Sluis in 1968 was het personeelsreisje, nou ja reis. Twee dagen Londen, met de boot heen en terug. Uit en thuis de waren de personeelsleden vier dagen onderweg. Niet alleen zij, maar ook hun partners en de gepensioneerden konden mee.

Er stond een karavaan met touringcars gereed om de vierhonderd Enkhuizers naar Hoek van Holland te brengen. Daar voegde zich nog een groep bij het Enkhuizer gezelschap: de medewerkers van de wetenschappelijke afdeling van de universiteit Wageningen waren ook allemaal uitgenodigd. Het werd een schitterende reis. Buckingham Palace, St. Paul's Cathedral, Fleetstreet, Oxfordstreet, Trafalgar Square: de Enkhuizers keken hun ogen uit. Met als kers op een galadiner in café Royal in Regent Street.

Honderd jaar geleden, in 1868, was de firma opgericht. Het bedrijf van de drie Andijker broers Nanne, Jacob en Pieter Sluis was in die eeuw uitgegroeid tot een multinational met honderden personeelsleden. In Enkhuizen, want in 1878 was het zaadbedrijf naar de Haringstad verhuisd. Andijk was in die dagen slecht bereikbaar. Een paard en wagen kon alleen over een weggetje op de Zuiderzeedijk en over de Zwaagdijk de buitenwereld bereiken. Voor een firma die zijn vleugels wilde uitslaan, was dat te weinig. Enkhuizen had bootdiensten op Amsterdam, Stavoren, Lemmer, Kampen en Harderwijk. Door de Streek liep een redelijk goede weg naar Hoorn én Enkhuizen had een telegraafkantoor. Daarmee kon je contact met de hele wereld onderhouden.

Tweede spoor

Een aansluiting op het spoorwegnet was er nog niet. Het dichtstbijzijnde goederenstation was Noord- Scharwoude op de lijn Amsterdam-Den Helder. Er waren wel discussies over een tweede spoorlijn naar de kop van Noord-Holland, maar die gingen nog over de lijn Amsterdam-Hoorn-Medemblik. Er was ook goede grond in Enkhuizen. De stad was in de achttiende en negentiende eeuw zodanig gekrompen dat er een hele Boerenhoek ontstaan was. De stedelijke bebouwing had daar plaats gemaakt voor een agrarisch gebied. Rond 1900 hadden de twee grootste zaadfirma's Gebroeders Sluis en Sluis en Groot er ongeveer 9 hectare grond in gebruik.

Ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan mocht NV Gebroeders Sluis het predicaat Koninklijk gaan voeren. Royal Sluis ging het bedrijf zichzelf noemen. Uiteraard was er een officiële receptie om het jubileum te vieren. Zeshonderd personen waren er aanwezig. Het gemeentebestuur was er, maar ook vertegenwoordigers van de minister en allerlei gasten uit het buitenland, tot de secretaris van de ambassade van Tanzania aan toe. De genodigden werden onthaald op toespraken, namens het bedrijf sprak de heer Van Strien, namens de gemeente burgemeester De Zeeuw en de hoogleraar prof. dr. Ir. J. Sneep uit Wageningen hield een redevoering waarin hij het belang van de samenwerking tussen de landbouwuniversiteit en Royal Sluis onderstreepte.

Een dag later was er een open dag. De Enkhuizer bevolking werd uitgenodigd een kijkje in het bedrijf te komen nemen. Een speciaal feest was er voor de kinderen. Met muziek van Dindua werden ze uit de stad gehaald en naar het Westeinde gebracht. Rob Zwaan vertoonde er zijn goochelkunsten en de uitslag van de Groei en Bloeiwedstrijd werd bekend gemaakt. Alle kinderen hadden in hun schoolklas een paar zaadjes gekregen. De leerlingen die het mooiste plantje hadden opgekweekt konden een prijsje ophalen. Je zou kunnen zeggen: ze gingen voor zaad, ook toen al.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube