Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Armoede bestrijden door kermis te verbieden

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Armoede bestrijden door kermis te verbieden
In februari 1930 blikte een tevreden burgemeester Zimmerman in de gemeenteraad terug op het afgelopen jaar. De tuinbouw ontwikkelde zich gunstig. Vooral tulpenbollen bleken een zeer winstgevend product. De coöperatieve Vereniging Bloemlust opende zelfs een groot veilinggebouw.

Ook voor de nijverheid en de industrie was 1929 een gunstig jaar geweest. De burgemeester noemde met name Van Wagten-donk als een zeer winstgevend bedrijf. Het profiteerde van de grote bouwactiviteit in de stad. In de Lange Tuinstraat werden woningen gebouwd. De gemeente had grond langs de Kade gekocht om er huizen neer te zetten, speciaal voor grote gezinnen. Ten minste dat was het plan, er zou nog een forse discussie in de raad volgen, maar er werd wel gebouwd. De gemeente investeerde in moderne infrastructuur. En er was weer een groot stuk straatwerk aanbesteed. De hele stad kreeg een moderne klinkerbestrating.


Bij de Oosterdijk huurde de gemeente de kleiput, om als vuilstort te gebruiken. De middeleeuwse toestanden, dat huisvuil op straat of in de gracht gekieperd werd, behoorden nu echt tot het verleden.

Veel geld ging naar onderwijs. In 1928, zo vermelde Zimmerman in zijn nieuwjaarsrede van 1929, was school B (de latere Boschschool) nog helemaal verbouwd en uitgebreid. Ook het Rijk liet zich niet onbetuigd. Een nieuwe winkelsluitingwet loste allerlei misstanden op. Om acht uur 's avonds moesten de winkels echt dicht zijn, behalve op zaterdag dan mocht men tot tien uur open blijven.

De zondagsluiting werd voor alle winkels verplicht. Op een wat wonderlijke manier was zelfs de stagnatie van het Gemeentelijk Gasbedrijf een teken van de moderne tijd. In veel huizen deed de elektriciteit zijn intrede en beconcurreerde het gas.

Uiteraard besloot burgemeester Zimmerman zijn nieuwjaarsredes met het uitspreken van de beste wensen voor de raadsleden en hun gezinnen.

Het was de gewoonte dat het oudste raadslid de burgemeester antwoordde. De heer Zwaan sprak in 1929 het hoopgevende voornemen uit om de beraadslagingen voor twaalf uur ('s nachts) te beëindigen. Maar, zo vervolgde de heer Zwaan, dat kon alleen als de burgemeester en wethouders het aantal voorstellen beperkten.

In de loop van 1931 sloeg de crisis toe. Armoede en armoedebestrijding stonden nu hoog op de politieke agenda. De nieuwe burgemeester Baron Mackay kon in 1932 geen investeringen aankondigen, in plaats daarvan moest hij een beroep doen op de onderlinge solidariteit van de Enkhuizers.
Het ARP-raadslid A. Sluis wilde ook de armoede bestrijden. Hij stelde voor de kermis dat jaar te verbieden. In deze tijd moesten de mensen geen gelegenheid krijgen om hun geld te verspillen. De CHU-burgemeester had nu een probleem. Vanuit zijn geloof moest hij Sluis steunen, maar hij wist dat er geen meerderheid was. Niet binnen de raad, maar ook niet onder de bevolking. Hij redde zich eruit door te wijzen op het weinig principiële van het voorstel van Sluis.

In een gloedvol betoog probeerde Sluis' partijgenoot Vis het voorstel te redden: Tientallen figuren van twijfelachtig kaliber, gore figuren, verlopen typen met krassende draaiorgels. Drankmisbruik, zinnenprikkelende reclameplaten.. . Als in de laatste kermisnacht, het sluitingsuur is gepasseerd en de tientallen paartjes onder invloed van drank en dans de poort van Enkhuizen uittrekken valt het scherm van de nacht over de bermen van wegen en dijken...

Het mocht niet baten. Vooral de SDAP maakte in de raad van februari gehakt van het voorstel. De kermis ging door.



Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube