Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Huwelijk uitstellen of inwonen in Enkhuizen

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Naast woningtekort kampte Enkhuizen ook met 'verkrotting' zoals hier op het Verlaat.
Naast woningtekort kampte Enkhuizen ook met 'verkrotting' zoals hier op het Verlaat.
Begon de burgemeester zijn nieuwjaarstoespraak in 1946 met het uiten van zijn dankbaarheid dat de oorlog voorbij was, in 1947 moest hij helaas melden dat Nederland wéér bij een oorlog betrokken was. Onze jongens in Nederlandsch Indië waren bezig het land te 'pacificeren'. Daarbij was helaas een 25 jarige Enkhuizer omgekomen.

In Enkhuizen was het geboorteoverschot dat jaar 211, in 1945 was dit maar 64 geweest. Het begin van de babyboom. Burgemeester Haspels maakte zich al zorgen: zo'n hoog geboortecijfer zou zeker tot problemen op de scholen gaan leiden. Hij moet ook gedacht hebben aan de woningnood. De stad had zo'n 300 woningen tekort. De kans dat hiervoor op korte termijn een oplossing zou komen, was klein.

Den Haag bepaalde waar gebouwd werd en Enkhuizen hoorde niet tot die 'door de oorlog geteisterde' gebieden die voorrang kregen bij de woningtoewijzing. Mondjesmaat kon er gebouwd worden.

In de nieuwjaarsrede van 1948 meldde Haspels dat met de aanleg van de Oranjestraat begonnen kon worden. Met enkele tientallen duplexwoningen was het één van de grotere projecten in de stad. Overigens liep de bouw bijna vertraging op omdat de dakpannen in Nederland op waren. De gemeente kreeg ook nog een berisping van Den Haag omdat de tuinafscheidingen kleine bakstenen muurtjes waren. Dat was een verspilling van de schaarse bouwmaterialen. Het enige wat de burgemeester kon doen was de schaarse woningen zo eerlijk mogelijk verdelen. De gemeente kon zelfs inwoning afdwingen.

Onaangename situaties
Verschillende malen moest Haspels erkennen dat dit tot onaangename situaties kon leiden. Voor degenen die trouwplannen hadden, had hij eigenlijk maar één advies: het huwelijk uitstellen of anders inwoning bij één van de ouders regelen.

In 1946 sprak de burgemeester nog voor een noodgemeente-raad. Eigenlijk was het een voortzetting van de raad die in 1941 door de bezetter naar huis was gestuurd. Niet alleen de raadsleden hadden de oorlog overleefd, maar ook hun conflicten. De wethouders Roosendaal en Rodenburg hadden voor de oorlog al ruzie met burgemeester Haspels. Na de oorlog vochten ze verbitterd verder. De strijd tussen links en rechts (lees: de niet-confessionele partijen tegen de confessionelen) werd na de oorlog even fel gevoerd als daarvoor. De PvdA, de opvolger van de SDAP, probeerde in de eerste raadsvergadering van 1946 een einde te maken aan deze patstelling. Het raadslid Zwaan hield een gloedvol betoog voor de zo genaamde 'Doorbraakgedachte' van zijn partij. Door de oorlog had men begrip voor eikaars principes gekregen. Het moest mogelijk zijn tot een betere samenwerking te komen. Ook wethouder Roosendaal wilde de antithese, het onderscheid tussen confessioneel en niet-confessioneel, afschaffen en tot een verdeling tussen democratisch en conservatief komen.

Reitsma van de ARP wilde hier niets van weten. In een even gloedvol betoog als dat van Zwaan riep hij de PvdA op de werkelijkheid te erkennen. Er zijn nu eenmaal verschillende groepen en geloven, betoogde hij. Dat hij de 'Doorbraakgedachte' vergeleek met het 'Eén Volk, één Staat, één Leider- van de Nazi's is als een geweldige demagogische uitglijder te beschouwen. Hij formuleerde scherp het verschil tussen zijn links en rechts. Links vond dat Recht en Wet goed waren als ze goed waren voor de maatschappij, rechts baseerde Recht en Wet op de bijbel. Duidelijker kon hij niet zijn. De 'Doorbraakgedachte' mislukte in Enkhuizen al op 31 januari 1947.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube