Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Kiezen tussen nieuwbouw en stuifsneeuw

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Zicht vanaf de Vest. Links op de achtergrond Plan Noord. In het midden het bedrijf van firma Vis.
Zicht vanaf de Vest. Links op de achtergrond Plan Noord. In het midden het bedrijf van firma Vis.
Op 6 mei 1949 kwamen de raad en B & W voor een besloten zitting bijeen. Er moest een beslissing genomen worden over de eerste stadsuitbreiding na 1600!

Burgemeester Haspels deed verslag van gesprekken die B & W gehad hadden met een aantal deskundigen. Ze hadden gesproken met twee stedenbouwkundige mej. ir Van der Ban, de heer ir. Fuhri Snethlage en met de rijksconsulent grond- en pachtzaken van het ministerie van landbouw, dhr. Van Dijk. De directeur van de gemeentewerken, dhr Ybema was bij alle gesprekken geweest.

Dat Enkhuizen moest uitbreiden, stond voor iedereen als een paal boven water. Er was nog wel wat ruimte binnen de Vest, tussen de Koepoort en de Omgelegde Burgwal, bij het statiinsemplacement en tussen de Molenweg en de Vest bijvoorbeeld. Maar op een gegeven moment zou de stad vol zijn. Het gemeentebestuur wilde daarop voorbereid zijn.

Al in de jaren dertig waren de eerste plannen gemaakt. De SDAP had het Kooizandplan: zij wilden een stukje IJsselmeer inpolderen. De partij had grote moeite om landbouwgrond op te offeren, vanwege de werkgelegenheid. De andere partijen vonden het Kooizandplan te duur. Zij kozen voor de meest logische oplossing: het Westeinde volbouwen.

Maar op die 6de mei 1949 moest de burgemeester mededelen dat er van bouwen in het Westeinde geen sprake kon zijn. Van Dijk was tegen, en Van Dijk was Den Haag, en daar werden de beslissingen genomen in het na-oorlogse Nederland. Waarom Van Dijk tegen de nieuwbouwwijk in het Westeinde was, was simpel. Daar lagen een paar van de grootste tuinbouwbedrijven, met name "de Gebr. Sluis" en "Sluis en Groot", en die waren veel te belangrijk. De enige uitbreidingsmogelijkheid die overbleef was ten noorden van de stad. De rijksconsulent adviseerde de gemeente om alvast grond te kopen om als compensatie te dienen voor de grondeigenaren die daar hun land hadden. Het grootste bedrijf was het zaadveredelingsbedrijf van de gebroeders Vis. Pikant is dat één van de raadsleden, de ARP'er Vis, betrokken was bij dat bedrijf. Ondanks deze belangenverstrengeling discussieerde hij vrolijk mee.

De stadsbestuurders hadden het moeilijk met dat plan Noord. Wethouder Roosendaal (PvdA) bijvoorbeeld was bang dat het een eilandje zou worden. Aansluiting met de bestaande bouw kon niet (voor een goed begrip: de Nelson Mandela Dreef was er nog niet en de Provinciale weg eindigde bij de Koepoort). Mej. Ir van der Ban wilde dat er niet tot aan de Vest gebouwd zou worden. Het Schootsveld moest vrij blijven vanwege het historische uitzicht op de Vest. Tussen de oude stad en de geplande nieuwbouwwijk lagen ook nog de sportvelden en de het terrein van de gemeentereiniging. Op dat terrein werden de vele poeptonnetjes leeg en schoon gemaakt.

Het raadslid Vis vond dat er nog voldoende grond binnen de stad was, plan Noord was eigenlijk niet nodig. Hij wees er ook op dat de Staaleversgracht en de Driebanen niet gedempt waren om de bouwers ter wille te zijn en nu pakje je hun land af! Daar kwam nog bij dat de opstuivende sneeuw, vooral ten noorden van de stad, voor veel verkeersoverlast zou zorgen. De raad ging, mopperend, akkoord.

Wethouder Roosendaal kreeg een beetje gelijk. Toen in 1955 de eerste bewoners hun huizen betrokken had hun wijkje een bijnaam gekregen. Nova Zem-bla noemden de Enkhuizers de eerste straten van Plan Noord. Het duurde een paar jaar voordat die echte Enkhuzers er ook gingen wonen.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube