Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Slapeloze nachten van atoomoorlog en Indie

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

De Breedstraat in 1929. In het midden het St. Gomarusgebouw.
De Breedstraat in 1929. In het midden het St. Gomarusgebouw.
Het jaar 1949 was geen jaar met schokkende gebeurtenissen. Tenminste, niet in Enkhuizen. Buiten de stad wel. Een oorlog met de communistische Sovjet-Unie dreigde. Het zou geen gewone oorlog worden, maar een atoomoorlog.

Indië werd Indonesië. Een aantal Enkhuizers zal geloofd hebben in het 'Indië verloren, rampspoed geboren' en er slapeloze nachten van gehad hebben. Wat moest Nederland zonder die rijke kolonie? Anderen zullen opgelucht ademgehaald hebben: de eerste soldaten kwamen weer thuis.

De economie bleef kwakkelen. Er werd wel geschreven over de Marshallhulp, maar veel merkten de Enkhuizers daarvan nog niet. De vissersbedrijven en de tuinderijen lieten dalende cijfers zien. In november waren de vissers zelfs met de vangst op snoekbaars gestopt, omdat de vis helemaal niets meer opbracht. Het wilde nog niet lukken met de industrialisatie. Alleen de omzet van de papierfabriek groeide en de directie liet zelfs een nieuw gebouw neerzetten.

Het was geen wonder dat de werkeloosheid, vooral onder de ongeschoolden, steeg. De eerste Enkhuizers begonnen aan emigratie te denken.

Er was een lichtpuntje: het leek wel of het vreemdelingenverkeer toenam. De hotel- en cafébedrijven meldden wat meer toeristen in de stad. Men had grote verwachtingen van het Zuiderzeemuseum. Als een soort proefballon was er een 'Zuiderzeemuseumtentoonstelling' in de Drommedaris georganiseerd. Het was een enorm succes, zo'n 26.000 mensen kwamen kijken. 'Dat belooft wat voor volgend jaar', zeiden de Enkhuizers; in 1950 zou het Zuiderzeemuseum opengaan.

De middenstand kende een kleine groei, er kwamen zelfs een paar nieuwe winkels bij. Voor het eerst hadden de winkeliers gezamenlijk een Sint Nicolaasactie georganiseerd.

Zwarte handel
En waarmee iedereen blij was, was het aflopen van het distributiestelsel. Er waren nog een paar producten op de bon, maar het St. Gomarusgebouw op de hoek van de Breedstraat en de Zwaanstraat kon weer terug naar de katholieke kerk. Al was het wel een beetje jammer dat een aantal slagers en ambtenaren bij die distributiedienst een voorschotje had genomen op het einde van het stelsel: ze moesten zich voor hun zwarte handel bij de rechter in Alkmaar verantwoorden.

Op het stadhuis kwam een nieuwe burgemeester. In augustus vertrok Johannes Cornelis Haspels naar Bussum, Albert Admiraal werd zijn opvolger. Wonderlijk genoeg verdwenen ook de twee verklaarde tegenstanders van burgemeester Haspels uit het stadsbestuur.

Zowel Chris Roosendaal als Piet Rodenburg kwam na de verkiezingen van juni als wethouder niet meer terug. Beide PvdA'ers gingen weer terug naar de gemeenteraad. Piet Rodenburg zat inmiddels dertig jaar in de gemeentepolitiek.

Enkhuizen kende een rijk en veelzijdig verenigingsleven. Er waren maar liefst 246 verenigingen en die hadden met elkaar dertigduizend leden! De hengelsportvereniging Ons Genoegen viste niet alleen dat jaar: in de Kolfbaan vierden de hengelaars hun 25-jarig jubileum. De Enkhuizer Damclub nodigde wereldkampioen dammen Piet Roozenburg uit voor een avondje simultaanspelen. De man won het van bijna iedereen.

Buurtvereniging Plan Zuid opende een splinternieuwe speeltuin. En de fanfare De Eendracht won onder leiding van de heer Keppel zowaar een eerste prijs op het concours in Bloemendaal.

En over kampioenen gesproken: het wonderteam van West Frisia speelde de sterren van de hemel en werd kampioen, maar de topper was Sientje Muskee die jeugdkampioen turnen werd. De Eendracht bracht haar 's avonds een aubade, zo trots was men op de jeugdige kampioene!


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube