Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

De vele ambachten van Klaas

Bron / Auteur: Klaas Koeman

De vorige aflevering van de Kroniek ging over de jeugd van visserman/ broodventer Klaas van Krochten. In deze aflevering gaat het over de eerste jaren van zijn volwassen leven. Klaas noemde zich in die tijd visser, maar daar kon hij niet van leven. Nu verdienden de meeste vissers in de winter weinig tot niets, maar Klaas had ook geen eigen schip en dat betekende datje op allerlei andere manieren moest proberen wat geld erbij te verdienen.
Al tijdens zijn schooltijd hadden Klaas en zijn broer Willem geleerd te azen en te spleten: spleten was het ontwarren van de eindeloze lijn met haakjes die gebruikt werd bij het botvissen. Azen was het aanprikken van het aas aan die vele, vele haakjes.

Bij de haring en ansjovisteelt raakten de netten nog wel eens beschadigd. De jongens leerden al snel breien en boeten om de netten weer op orde te krijgen. Met deze kennis konden ze hun vader helpen maar ook voor andere vissers aan het werk gaan. Vader van Krochten viste met een vlet. Dat was toch wel anders dan met een botter.

Vooronder

De bottervissers konden bijvoorbeeld een kop koffie zetten of in het vooronder schuilen als het weer te bar was. In een vlet kon dat allemaal niet. Ook ontbrak een beun. De vis werd levend gehouden door de stop eruit te trekken: de vlet liep dan gedeeltelijk vol water. De gevangen vis werd verkocht aan een handelaar, de veiling was er nog niet. Ook trokken de jongens met verse garnalen de stad in om die zelf uit te venten. Tussen de haring- en ansjovis visserij door werkte Klaas van Krochten bij de groenteveiling in Bovenkarspel. Laden en lossen en bloemkool-kratten timmeren. Een paar planken en 54 spijkers, jaren later wist hij dat nog precies.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Klaas van Krochten zelfs groentehandelaar. Samen met August Stavenuiter kocht hij appels peren, kool of uien. Klaas voer naar Friesland of Overijssel en verkocht zijn lading daar aan iedere handelaar die ze wilde hebben. Als het nodig was, verkocht hij zijn handel zelfs door ze uit te venten. Tussendoor werd er uiteraard gevist. En als er een lading turf verscheept moest worden, kon dat natuurlijk ook. Je kon je wel visserman noemen, maar je moest van alles aanpakken om je kostje bij elkaar te scharrelen.

Kabel

Klaas is zelfs een tijdje kok geweest. Hendrik Kouwenhoven gaf hem de tip: de telegraafkabel tussen Noord-Holland en Texel was kapot en ze zochten een kok op het schip dat die kabel moest opvissen en repareren. Toen die klus klaar was, zeilde hij langs Wieringen weer terug naar Enkhuizen. Bij Wieringen zag hij de grote kranen en ander materieel liggen die ingezet gingen worden om de Zuiderzee af te sluiten. Het was over met de visserij besefte Klaas. Hij moest ook meer vastigheid hebben, hij was inmiddels getrouwd. Een nieuwe bakker in de Torenstraat zocht broodventers, het was wel geen vetpot en in het begin verdiende hij op procenten, maar er zat letterlijk brood in. En zo is Klaas van Krochten van het vissersbedrijf af gegaan; hij is zijn hele verdere leven broodventer gebleven.

Overig Nieuws

Bekijk oude berichten in het nieuwsarchief »
Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube