Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Alle klokken in heel Nederland gelijk

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Klaas Koeman

Het station met stationsklok
Het station met stationsklok
Vanaf 1 mei 1909 lopen alle klokken in het hele land gelijk. Men heeft de Amsterdamse tijd als leidraad voor het hele land genomen. Voor de Enkhuizers heeft het geen gevolgen. De stad hield de Amsterdamse tijd altijd al aan. Vooral voor de inwoners van het oostelijk Nederland heeft deze wet gevolgen. Daar ging men voornamelijk uit van de Duitse tijd.

In augustus 1836 overleed Gerrit Stam. Hij was een belangrijke Enkhuizer omdat hij concessie voor de postwagen en de diligence van en naar Enkhuiezn had. De diligence reed tot halfweg Hoorn, en daar kon men overstappen op de wagen die van Hoorn naar Medemblik ging. Tenminste als Gerrit Stam op tijd was en dat gebeurde niet altijd. Talloos zijn de klachten over de service van het bedrijf. Toen zijn zoon aan de gemeente vroeg of hij de concessie van zijn vader kon overnemen en de zaak op de oude voet kon voortzetten weigerde de gemeente dan ook. In de briefwisseling die volgde, gaf de zoon een prachtige reden op waarom zijn vader (en hijzelf) vaak te laat waren geweest: de klokken in Enkhuizen liepen 10 minuten voor op de klokken in Hoorn! Hoewel dit argument de bestuurders van Enkhuizen niet echt overtuigde, had de ondernemer in spé wel gelijk. In de negentiende eeuw had elke stad zijn eigen tijd.

De zonnewijzer

Binnen de stad liepen de klokken gelijk. In 1835 hadden de stadsbestuurders 'op verzoek' van de commissaris van de koningin een zonnewijzer gekocht. De kerkklokken en de enkele horloges van de burgers konden nu tenminste gelijk gezet worden.

De spoortijd

Maar ervaringen in het buitenland leerden dat het tijdsverschil voor de nieuwe spoorwegen bijzonder lastig was. Vandaar dat men in 1837 (twee jaar voordat de eerste trein in Nederland reed) een spoortijd afsprak. De zonnewijzertijd van Amsterdam werd het ijkpunt voor alle klokken op de stations, hoewel het tot 1859 duurde eer men de klokken ook echt gelijk kreeg. Pas door de invoering van de telegraaf kon men alle stationschefs van de juiste tijd op de hoogte houden.

Alle klokken gelijk


Die spoortijd was alleen van belang voor stationchefs en reizigers. De kerkklokken bleven de lokale tijd aangeven. Horloges waren nog voor de rijken, de rest van Nederland keek naar de zon of naar de kerkklok, en dan hoorde het 12 uur te zijn als de zon op z'n hoogst stond. In 1892 werd heel Europa in drie tijdszones verdeeld. Voor Nederland gold nu de West-Europese tijd. Die werd bepaald door de tijd op de nulmeridiaan die over Greenwich loopt. Deze 'normaaltijd' werd gebruikt bij het spoor, de post en de telegraaf. Veel burgers hadden geen zin in deze tijd, het zou dan, vergeleken met de Amsterdamse tijd, 20 minuten eerder donker zijn. Vandaar dat in een aantal steden en dorpen toch die Amsterdamse tijd gold. En uiteraard hielden velen hun eigen lokale (zonne-)tijd aan. Pas in 1909 werd per wet bepaald dat alle klokken in Nederland gelijk moesten lopen. Gelukkig voor iedereen die zuinig met petroleum moest zijn besloot de regering de Amsterdamse tijd in te voeren.

De zomertijd

Nog één keer zou de tijd tot discussie leiden. In 1916 voerde men, om de schaarste door de Eerste Wereldoorlog een beetje te beperken, de zomertijd in. Ook toen nog lukte het niet om de klokken gelijk te krijgen, vooral op het platteland wilde men er niet aan. Gereformeerde dominees steunden dit verzet. Zij vonden dat de zomertijd strijdig was met Gods ordonnantiën. Hun kerkklokken, en dus de klokken van hun gelovigen, bleven gewoon op de wintertijd staan. In 1940 bepaalden de Duitsers dat Nederland tot de Midden-Europese Tijdzone behoorde. Begrijpelijkerwijs werd er toen weinig over gediscussieerd.



Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube