Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Trien Bakker voor de rechter

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Marijke Adema

Trien Bakker voor de rechter
In 1951 stond Trien Bakker voor de rechter. De fotografe werd ervan beschuldigd de mest van haar kippen niet op tijd op te ruimen.

Trien Bakker, geboren in Hoogkarspel in 1891, was een markant en een beetje excentriek persoon. Ze was haar tijd ver vooruit. Ze had een modern beroep, reed motor voor haar dertigste, haalde haar rijbewijs en droeg al tijdens de oorlog broeken. Ze was niet alleen fotografe, maar stond ook bekend om haar genezingsmiddeltjes, waarvan de meest bekende misschien wel brandzalf is. Op de Noorderweg stond haar fotografisch atelier ‘Foto Modern’.

In 1931 trouwde ze met de twintig jaar oudere Belgische fotograaf Johan Kempeners. Na zijn dood in 1941 begon Trien zichzelf en haar huis te verwaarlozen. Op haar erf aan de Noorderweg liepen tientallen kippen. Ze liepen zelfs rond in haar huis en zaten op de bovenverdieping voor de ramen. Daarnaast had ze katten, een hond en zelfs een paard, die door de winkel en het atelier moest lopen om bij zijn stal te komen. Het voer van de kippen bestond vooral uit visjes, zoals spiering en sprot, wat Trien bij de vissers haalde. Omdat de mest van de kippen en de rottende visjes op haar erf begonnen te stinken, stapte haar buurman naar de burgemeester om te klagen.

“Drie keer heb ik de mest niet opgeruimd omdat ik oorontsteking had, toen is mijn buurman gelijk naar de burgemeester gegaan,” verklaarde Trien. Ze kreeg het bevel haar kippen te verkopen en het kippenbedrijf op te heffen. “Ik heb persoonlijk tegen hem gezegd: steek me liever in één keer dood dan dat ik Nederland snel op. De achterstand moest worden ingehaald, maar ook de werkgelegenheid moest niet alleen op gang komen, maar ook groeien. En om dat te stimuleren was er een slagvaardige gemeenteraad nodig. En die was er. Soms zelfs een beetje té slagvaardig.

Op lege grond kun je huizen en fabrieken bouwen. En er was lege grond. Die moest dan wel eerst door de gemeente verworven worden. Voor de visput bestond dat probleem niet. Die was al van de gemeente, maar die moest men wel eerst dempen. De grond kon met schuiten worden gehaald van het veilingterrein uit Bovenkarspel; daar was teveel grond. Het werk moest worden gedaan door werklozen die daarvoor 60 cent per uur kregen. Pas na veel politiek gesteggel werd dat ‘loon’ opgetrokken tot 65 cent, een soort smerigwerktoeslag. langzamerhand word vermoord. Ik heb mijn kippen nu verkocht; dat moest ik wel.”

Volgens Trien ontstond de vieze geur door de stoffen die ze gebruikte bij het ontwikkelen van foto’s. “Vroeger ontstond die reuk doordat er geen gat in de afvoerput voor het water van mijn foto-ontwikkelaar was gemaakt.” Dat verklaarde haar getuige, de heer V., die bij haar inwoonde, ook: “De hinderlijke reuk zou misschien tijdelijk kunnen ontstaan, wanneer mijn hospita de voor de fotografie benodigde chemicaliën kookt.” De rechter gaf Trien gelijk: het was niet bewezen dat de ondragelijke geur alleen van de mest afkomstig was. Twee weken later werd ze vrijgesproke


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube