Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Een wonderlijke verkondiger

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Pieter Jan de Vries

Een paar jaar geleden verscheen er een boekje met de intrigerende titel “Gods onkruid”. Het ging over al die lieden die een ervaring hadden gehad waardoor hun leven op een nieuw spoor terecht was gekomen. De meesten hadden op een kleurrijke wijze van hun bevindingen verslag uitgebracht.

Aan hen was ooit plotseling het licht verschenen en ze voelden zich geroepen om van hun nieuwe inzichten ‘aan den volke kond te doen’. Het waren vaak de grondleggers voor een zoveelste godsdienstige groepering die soms ontaardde in een sekte. Het woord bevindelijk wordt nog steeds gebruikt om het verschijnsel weer te geven.
Dat de moderne neurologie wel weg weet met die plotselinge, schokkende ervaringen laten we hier maar in het midden. Evenals de veronderstelling dat de goedgelovigheid van de volgelingen de verleiding inhield van exploitatie.

In de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw stond er in Enkhuizen ook zo’n persoon op. Vanwege de privacy zullen we zijn naam niet noemen, maar diegenen die met hem in aanraking zijn geweest, zullen hem uit de beschrijving misschien herkennen.

De man was een vlezig persoon met een lijzige stem. Hij bereed een zwart rijwiel, droeg een zwart kostuum met een zwarte stropdas en had altijd een dito aktetas bij de hand. Op zijn bleke hoofd prijkte een zwarte hoed.

degenen die aan de wieg staan van een nieuwe stroming, ontstonden er rond zijn persoon al gauw verhalen met een mythisch karakter. Meestal is de exacte waarheid daarbij in mist gehuld. Ooggetuigen melden zich zelden.

De Hemelvaart
Een steeds weerkerend verhaal is dat van een geplande Hemelvaart. Er wordt daarbij gesproken over een bedstede waarin de betrokkene zich zou hebben opgesloten. Zijn boodschap hield in dat hij naar de hemel op zou stijgen. Toen de bedsteedeuren na enige tijd geopend werden, bleek hij nog steeds aanwezig te zijn, althans hij was weer terug van zijn vermeende reis. Nooit zal het bewijs geleverd worden dat zijn poging niet korte tijd geslaagd is geweest en hij even de bedstee is ontstegen.

Het enige wat uw auteur zeker weet, is dat het betreffende woonhuis is gebouwd toen bedsteden volgens de Woningwet van 1902 al jaren waren verboden. Een voormalige buurman van de herder bevestigt dat ook. Toch wordt die bedstee in een krantenartikel uit die tijd genoemd. Misschien waren die bedsteedeuren slechts gordijntjes. Of vormde een gerucht over een wake met een hoog geheven regenscherm op de vestingwal de basis voor deze geschiedenis.

De verleider
Niet alle verhalen over de man zijn geschikt voor publicatie in dit orgaan, maar we kunnen het niet laten om nog even te wijzen op zijn vermeende invloed op zijn vrouwelijke volgelingen.

Er wordt gezegd dat menig braaf huisvader die in die tijd dacht aan de maaltijd te gaan, tot de ontdekking kwam dat de sudderlapjes uit de vleespan waren verdwenen. Zij bleken door hun echtgenotes geofferd te zijn aan de geliefde leider.

Een ernstiger botsing met een huisvader leidde zelfs tot voor de rechter.

Het gezinshoofd had zijn vrouw, zoon en dochter in de ban van de godsdienstleraar zien geraken. De jongen leek bij de prediker te zijn ingetrokken. Dat terechte vermoeden leidde tot een confrontatie waarbij de beschuldigde heftig ontkende. En dat had weer aan de vader kreten ontlokt als ‘leugenkist’ en ‘leugenlap’. Over de klacht van belediging moest de rechtbank een uitspraak doen. Dat de magistraat het wel een fout vond, maar niet zo’n erge bleek wel uit het vonnis: 50 cent of één dag.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube