Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Garrut Stavenuiter - De journalist met een scherpe pen

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Martin Menger

Garrut als boef gefotografeerd
Garrut als boef gefotografeerd
Het dagelijks nieuws in Enkhuizen kabbelt in de jaren zestig stug tegen de onzichtbare grenzen van de verzuiling aan. Journalist Gerhard Stavenuiter (1916 – 2001) pakte de uitdaging op om toch leven in de brouwerij te schoppen. En hoe! De lezers smulden soms mee.

De naam van de Enkhuizer Courant is voor die generaties verbonden aan twee heren: de verslaggever Stavenuiter en fotograaf Harry Bedijs. De een beschreef de loop der dingen, de ander legde ze nauwgezet vast.

Nog steeds reppen oudere stadsgenoten van ‘De Toeter’, wanneer Stavenuiter wordt bedoeld. Die bijnaam dankte hij aan het feit dat hij ooit begon bij het nieuwsblad De Bazuin. En Henkuzers verbasteren zo’n bombastische naam bliksemsnel in toeter.

Als kind van de crisis kwam deze Enkhuizer met een enorme vasthoudendheid het vak van journalist in. Opschrijven wat er gebeurt. Dat er een ongeval is geweest in de Van Bleiswijkstraat, hoe de postduiven hebben gevlogen. Er werd een kruidenierswinkel geopend. Wat de prijzen vrijdag deden aan de visafslag?

Ondanks het feit dat Gerhard en zijn vrouw een groot gezin bestierden, was zijn taak helder. Hard werken. In 1948 kwam hij in dienst van de Verenigde Noordhollandse Dagbladen. Die had destijds nog geen eigen editie in de stad. En eerlijk is eerlijk: Gerhard Stavenuiter was een rasechte Henkuuzer. Vandaar dat hij werd gevraagd zelf zo’n editie te beginnen.

Dat werd ‘Nieuwe Enkhuizer Courant’. In ’53 werd de bestaande ‘oude’ Enkhuizer Courant overgenomen. De Toeter had een breed publiek gekregen.

Zo kwam het dat de jonge Gerhard al snel leerde dat een scherpere pen zo zijn voordelen had. Niet te scherp – we hebben het hier over een relatief kleine gemeenschap – maar wel zo snijdend dat er reacties los kwamen. Denk aan het feit dat hij ooit de CPN’er Herman Atsma snoeihard aanpakte in een opiniestuk. Gevolg: Atsma witheet aan de deur, Stavenuiter die in de eigen deuropening een mep krijgt en uiteindelijk een rechtszaak.

Ver voordat Henk van der Meijden het begrip ‘roddel’ in de krantenkolommen bracht, had Staaf al zijn rubriek ‘Henkuzer Kwartiertje’ waarin hij schreef onder het pseudoniem ‘Garrut’. De kleine anekdotes uit de familie en de roddels die hij hoorde op straat of in het café kon hij daar – meestal zonder namen te noemen - in kwijt.

Pas begin jaren zeventig koos hij voor de vorm dat die anekdotes en roddels door ‘De Streetkorrespondenten’ werden aangedragen. Gelardeerd met rare portretten van een paar (met snorren en baarden vermomde) kennissen werd zo het wel en wee van iedereen – we zijn in Enkhuizen, nietwaar? – met een fikse korrel zout neergepend. Roddels? In ieder geval werd er hard om gelachen. En de krant bediende zijn lezers.

Als Garrut hield hij ook in de jaren vijftig en zestig acties voor Enkhuizer doelen. De eerste was een actie om langdurig zieken te voorzien van televisietoestellen. Ook hield Garrut een actie om de volière in het Snouck van Loosenpark weer te voorzien van apen.

Maar het kon ook hard gaan. Zoals tijdens de Tapijten- affaire, eind jaren vijftig. De gemeente wilde routineus de doofpot gebruiken om te verbergen dat tijdens de roerige meidagen van 1940 de kostbare eeuwenoude wandtapijten wel erg hardhandig voor den vijand waren opgeborgen: ze waren dus gewoon kapot toen ze eenmaal na de oorlog weer tevoorschijn werden gehaald. Het rapport kon maar beter geheim blijven.

Stavenuiter kreeg het toch in handen en publiceerde zonder omhaal de bevindingen. Dat trok landelijk de onwelkome aandacht. De boze Enkhuizer notabelen kondigden aan dat er een onderzoek zou komen naar het lek richting de Enkhuizer Courant. Of zou Stavenuiter soms hebben ingebroken?

Nou, hij had zelf direct een antwoord klaar. In de krant. Stavenuiter liet zich als boef door Bedijs fotograferen in de cel van het oude politiebureau, destijds aan de Westerstraat. Jennerig onderschrift: ,,Wij geloven dat op de foto aangegeven maatregel wel afdoende zou zijn. Of ook toch niet?’’

Pas toen zijn hart slijtage vertoonde, moest hij met zijn werk stoppen. De eenmanspost Enkhuizen was ruim dertig jaar met verve verdedigd en waargemaakt. Hij kon er jarenlang tijdens de koffie aan de Heiligeweg nog smakelijk over vertellen, met een krakende, gierende lach en rollende ogen. En de toehoorders smulden mee.

Foto: Stichting Foto Bedijs


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube