Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 

Minister S.L. Mansholt: Bewijs van nieuwe levenskracht

Volgende » « Vorige ^ Terug naar het Overzicht
Bron / Auteur: Enkhuizer Courant - 20 augustus 1955

De drie gekroonde haringen in het stadswapen van Enkhuizen duiden op een sterke verbondenheid van de stad met de visserij, die in de periode tussen 1550 en 1650 Enkhuizen een bloeiperiode deed doormaken; ondernemende vissers bevisten de Noordzee naar een ook nu nog nationaal product bij uitstek, de haring.

Na een tijdperk van verval was het een ander visje, het “gouden visje”, dat in de 19e eeuw, met als hoogtepunt 1900-1905, Enkhuizen voorspoed bracht, de ansjovis. Wederom verloor de visserij te Enkhuizen aan betekenis door de slechte vangsten, welke proces werd verhaast door de grootste waterstaatkundige ingreep in de natuur, de afsluiting van de Zuiderzee. Thans zijn het vooral de aal en de snoekbaars uit het zoetwaterbassin van het IJsselmeer, die bedrijvigheid veroorzaken.
Met Urk en Volendam mogen we Enkhuizen rekenen tot de drie voornaamste visserij – aanvoerplaatsen rond het IJsselmeer. Hoe zal Enkhuizen zich als zodanig in de toekomst ontwikkelen als alle plannen tot inpoldering van grote delen van het IJsselmeer zullen zijn voltooid?

Heeft de visserij voor Enkhuizen in de loop der tijden aan betekenis ingeboet, een andere tak van bedrijf is in het jongste verleden naar voren gekomen. Wie met betrekking tot de landbouw spreekt over Enkhuizen, denkt daarbij in de eerste plaats aan de teelt van tuinbouwzaden. Nazaten van de ondernemende en vooruitziende Andijkers Sluis en Groot, die zich tot 1868 en 1878 aan het Westeinde vestigden, hebben thans de leiding in de twee grootste zaadbedrijven in Nederland. In het aan historische gebouwen zo rijke Enkhuizen ziet de Drommedaris nog steeds neer op een visserij-bedrijvigheid rond de visafslag aan de voet van de toren. De Koepoort daarentegen kijkt uit op de zaadteelt- en zaadhandelsbedrijven van de stad, die de bestaansbron vormen voor een groot deel van de Enkhuizer bevolking.

De zeshonderd-jarige stad Enkhuizen mag ontstaan en bloei van deze nieuwe bedrijvigheid gevoeglijk beschouwen als een bewijs van levenskracht, waarover ik mij van harte verheug.

S.L. Mansholt,
Minister van Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening.


Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube